Actieonderzoek om breakdown te voorkomen en uitval pleegouders tegen te gaan

Te veel pleegzorgplaatsingen eindigen in een breakdown: de plaatsing wordt dan voortijdig en ongepland beëindigd. Het gevolg: een pleegkind moet verhuizen en komt, soms al voor de zoveelste keer, op een nieuwe plaats in een pleeggezin of instelling. Overplaatsingen zijn slecht voor de ontwikkeling van een pleegkind. De pleegouders haken na een breakdown vaak af: zij zien het na deze negatieve ervaring vaak niet meer zitten om opnieuw een pleegkind op te vangen in hun gezin. En dit terwijl er al jaren te weinig pleeggezinnen zijn.


Wat de redenen zijn voor een breakdown en welke omstandigheden meespeelden, zijn niet altijd bekend. Dit onderzoeken we samen met het Nederlands Jeugdinstituut en Jeugdzorg Nederland in het Actieonderzoek continuïteit pleegzorg. Als duidelijker is wat de oorzaken zijn van breakdowns, kan het probleem van afgebroken pleegzorgplaatsingen aangepakt worden.

In het actieonderzoek gaan tien pleegzorgorganisaties aan de slag met een actieplan om het aantal breakdowns in hun organisatie terug te brengen en uitval van pleegouders te voorkomen. Zij worden daarbij ondersteund door het NJi, Jeugdzorg Nederland en de NVP.


De uitkomsten van het actieonderzoek worden gedeeld met de andere pleegzorgorganisaties, om overal het aantal breakdowns terug te brengen en de uitval van pleegouders te voorkomen.


Het Actieonderzoek continuïteit pleegzorg is onderdeel van het Actieplan Pleegzorg. Daarover lees je meer op de pagina over belangenbehartiging.

Kinderen van pleegouders, een vergeten groep?